Aan de appelbol met maatjes Kees en Jasper
Door Remy Raaphorst | 18 maart 2026
Het is rond het middaguur aan een druk verkeerspunt in de Spaarndammerbuurt. Kees (89) woont daar boven een bekende grote supermarkt in een modern appartement. Hij zit comfortabel in zijn vaste stoel, benen omhoog, met de afstandsbediening van de televisie binnen handbereik. Maatje Jasper (25) komt de kamer binnenlopen, met een kop koffie en een appelbol in zijn handen. "Wat kan ik meenemen?" had hij die ochtend nog gevraagd. Soms is het een gebakken visje, maar vandaag is het dus een zoete appelbol geworden.
Kees en Jasper zijn al een half jaar maatjes via Voor Elkaar In West. De mannen verschillen meer dan zestig jaar in leeftijd, maar in de omgang merk je daar weinig van. "Ik beschouw hem eigenlijk een beetje als een zoon", zegt Kees met gevoel. Jasper moet lachen: "En jij bent gewoon een hele jonge ziel."
Jasper is net 25 geworden en woont sinds een jaar in Amsterdam. Den Haag is de stad waar hij is geboren en opgegroeid. Het strand bij Scheveningen was heilig voor hem, maar werk en vrienden trokken hem toch naar de hoofdstad. Hij werkt in de media en is tegenwoordig vooral bezig online content en korte video's. Zijn wereld concentreert zich rond Amsterdam-Noord: werk, sportschool, de pont. "En Kees", voegt hij er aan toe. "Die zit hier vijf minuten vandaan."
Zijn motivatie om maatjes te worden ontstond uit een steeds terugkerende gedachte. In Den Haag fietste hij dagelijks langs een verzorgingshuis. "Ik dacht vaak: daar zou ik best een uurtje koffie willen drinken. Maar het kwam er nooit van." Tot hij via zijn werk voor een klus van het Humanistisch Verbond weer aan die gedachte werd herinnerd. Hij schreef zich in voor het maatjesprogramma. "Ik dacht: ik ga het gewoons eens proberen."
Kees heeft uitzicht op de strakke Pontsteiger en de nieuwe buurt van de Houthavens. Hij heeft hier de afgelopen jaren een hoop zien veranderen. Geboren in 1936, groeide hij op in de oorlog. Zijn vader overleed toen hij nog jong was door een ongeluk. Zijn gezondheid was kwetsbaar; tuberculose kwam veel voor in de familie en ook Kees kreeg ermee te maken. School liep daardoor anders dan gepland. "De eerste drie jaar heb ik geen onderwijs gehad. Dat mis je later."
Wat Kees tekort kwam in het onderwijs maakte hij goed met zijn handen. Kees werd monteur in de metaal, werkte aan staalconstructies, aluminium ramen en grote projecten. Hij hielp mee aan de opbouw van de RAI en werkte zelfs een tijd in Den Haag, bij de Staatsdrukkerij. "Ik heb altijd met mijn handen gewerkt", zegt hij met zichtbare trots. "Tekeningen lezen, dat ging me goed af."
Die handigheid is in zijn huis nog altijd terug te zien. Overal staan zelfgemaakte objecten: een kerk, een klok, een vliegtuig en locomotieven, een knipoog naar zijn vader die bij de spoorwegen werkte.
Het pronkstuk van Kees is een model van de Titanic, compleet met lichtjes en rookpluimen.
Kees is een echte knutselkoning, maar toch heeft hij juist moeite met de moderne techniek. Telefoon, tablets, laptops en meerdere afstandsbedieningen: het is allemaal veel bij elkaar. Jasper helpt hier geduldig bij. Hij stelt de televisie opnieuw in, zorgt ervoor dat één afstandsbediening genoeg is en maakt geheugenruimte vrij op de iPad. "Als hij het één keer voordoet, dan weet ik het daarna wel", zegt Kees.
Maar het contact tussen Kees en Jasper is meer dan alleen hulp. Ze praten ook veel. Bijvoorbeeld over Ajax, ook al wordt Kees daar op dit moment niet heel erg vrolijk van. Maar ze praten ook over politiek en over de buurt. Kees groeide op in wat vroeger een 'rooie buurt' werd genoemd, een wijk van arbeiders en protest. Kees herinnert het zich nog goed: "Het heette hier niet voor niks de 'moord- en brandbuurt'." Dat heeft niets met moord en brand te maken, maar er waren een hoop werkloze mensen die dan gingen protesteren en dat ging niet altijd zachtzinnig." Jasper luistert graag naar de verhalen van Kees. "Iedereen heeft wat te vertellen. Dat vind ik het leukste van mijn werk, en dat heb ik ook hier met Kees."
Soms proberen ze naar buiten te gaan, maar dat kost moeite: jas aan, lift in, scootmobiel op. Eén keer lukte het. Ze maakten een rondje langs het water, vlak voor SAIL. Het was bijna dertig graden. Kees draaide zijn scootmobiel van standje 'schildpad' naar standje 'haas' en toen schoot hij vooruit met zijn scootmobiel. Jasper bleef lachend achter. "Ik dacht: ik hoop maar dat het goed gaat." Kees straalt bij de herinnering. "Ik kon een fiets bijhouden!"
Kees is een man die ondanks zijn leeftijd toch vooruit blijft kijken met een vast doel. Hij is namelijk vastbesloten om 103 te worden. Zijn grootvader haalde de 102,5 en Kees is van plan dat record te gaan breken. Jasper vindt deze houding bewonderenswaardig: "Hij telt zijn dagen niet af. Daar vind ik mooi."
Allebei de mannen zijn enthousiast over het maatjesprogramma. Kees ziet het als een oplossing voor mensen die eenzaam zijn. Jasper ziet ook de grote waarde: verbinding maken tussen generaties in een tijd waarin iedereen met zijn telefoon leeft. "Iets doen voor een onbekende geeft een ander soort voldoening", zegt hij. "Je leert elkaar echt kennen."
Zou Kees het anderen aanraden? "Zeer zeker", zegt hij zonder twijfel. "Maar hert moet wel klikken." Bij Kees en Jasper is dat zeker het geval. Van het eerste kennismakingsgesprek tot vaste prik nu. Met appelbollen, techniek, verhalen en plannen tot de 103 jaar van Kees kunnen ze voorlopig vooruit.